Revisiedatum: 9 april 2026
In het kort
Huisartsen en medisch specialisten werken steeds beter samen. Daarom is de regionale transmurale afspraak (RTA) voor digitale communicatie vernieuwd. De afspraak sluit aan bij de nieuwe regeling voor meedenkadvies van de NZa (per 1 januari 2026) en de landelijke Handreiking Meedenkadviezen. De werkafspraak helpt om verwijzingen te voorkomen, zorgvragen sneller te verduidelijken en de juiste zorg op de juiste plek te bieden.
Algemene afspraken
- Overweeg eerst of overleg met een kaderarts passend is.
- Een meedenkadvies is niet bedoeld voor enkelvoudige vragen over medicatie, losse testuitslagen of basiswaarden zonder verdere uitleg.
- Meedenkadvies is niet mogelijk bij zorg waarvoor aparte financiële afspraken bestaan (zoals ketenzorg).
- Een meedenkadvies gaat niet ten koste van het eigen risico van de patiënt.
- De oorspronkelijke vraag blijft altijd zichtbaar in ZorgDomein. Het antwoord wordt via Edifact naar het HIS gestuurd.
- De regio werkt aan verdere digitalisering en breder gebruik van verschillende overlegvormen.
Het meedenkadvies
Een meedenkadvies is een digitale vraag van de huisarts aan een specialist. Het gaat om advies over een patiënt die niet in behandeling is bij dat specialisme.
- De huisarts blijft hoofdbehandelaar.
- Het gaat altijd om niet-spoedeisende vragen over een patiënt, met duidelijke klinische context.
Wanneer gebruik je een meedenkadvies?
- Er is kans dat een verwijzing niet nodig is.
- De patiënt is niet in behandeling bij het specialisme.
- De vraag is duidelijk en er is voldoende relevante informatie en context.
- Het is mogelijk om het antwoord via Edifact naar het HIS van de huisarts te sturen.
Wat de huisarts doet:
- Controleren of de patiënt al in behandeling is. Zo ja: gebruik ‘kort overleg’.
- Een volledige en duidelijke vraag stellen in ZorgDomein.
- Relevante uitslagen toevoegen.
- De patiënt vertellen dat het advies en de aanvraag in het EPD komen.
Wat de specialist doet:
- Binnen drie werkdagen een volledig advies met onderbouwing geven.
- Aangeven of een verwijzing nodig is of niet.
- Bij spoed telefonisch contact opnemen.
Ombuiging van verwijzing naar advies
Bij de beoordeling van een verwijzing kan de specialist zien dat een polikliniekbezoek geen meerwaarde heeft. Dan kan de specialist de verwijzing omzetten naar een inhoudelijk advies.
De huisarts:
- Slaat het advies en de toelichting op in het HIS.
- Bespreekt het advies met de patiënt.
De specialist:
- Neemt telefonisch of via Edifact contact op met de huisarts, mét toelichting.
- Geeft een passend advies, volgens de werkwijze van het meedenkadvies.
- Vermeldt contactinformatie voor eventuele vervolgvragen.
Kort overleg
Kort overleg gebruik je voor korte, aanvullende vragen over een patiënt die wél onder behandeling is bij het specialisme. Het gaat om niet-spoedeisende vragen die snel te beantwoorden zijn.
Hoe werkt het?
- De huisarts of de specialist kunnen beiden het overleg starten.
- Het contact verloopt via de gebruikelijke lijn, zoals telefoon of beveiligde berichten.
- Bij telefonisch overleg is er direct antwoord.
- Bij andere vormen van berichtgeving volgt antwoord binnen drie werkdagen.