In het kort
De RTA Palliatieve Zorg biedt zorgverleners duidelijke afspraken om de kwaliteit van zorg in de palliatieve fase te verbeteren. Het doel is om patiënten op de juiste plek en op het juiste moment de juiste zorg te bieden, met aandacht voor lichamelijke, psychische, sociale en spirituele ondersteuning. De afspraken sluiten aan bij landelijke richtlijnen en praktische hulpmiddelen zoals wegwijzers. De RTA wordt ondersteund door Wegwijzers. Er is een Wegwijzer voor patiënten en een Wegwijzer voor professionals.
-
Degene die signalen van een palliatieve fase opmerkt, bespreekt dit met de hoofdbehandelaar.
-
Afspraken over de palliatieve fase worden vastgelegd in het dossier en gedeeld met betrokken zorgverleners.
-
Alle betrokken zorgverleners ontvangen dezelfde overdracht, bestaande uit:
-
het behandeldoel
-
behandelwensen en -grenzen
-
actueel medicatieoverzicht
-
contactgegevens van de regiebehandelaar en betrokkenen
-
de belangrijkste problemen en uitdagingen
-
het vervolgbeleid en individueel zorgplan
-
-
-
De regiebehandelaar coördineert de zorg en houdt overzicht over het multidisciplinaire team.
-
Met betrokken zorgverleners wordt afgestemd wie per patiënt de regiebehandelaar is.
-
De regiebehandelaar markeert de palliatieve fase en stelt het regiebehandelaarschap vast.
-
De regiebehandelaar voert het proactieve zorgplanningsgesprek (PZP-gesprek) en legt behandelwensen en -grenzen vast in het PZP-formulier. Dit formulier wordt gedeeld met zorgverleners, de patiënt en naasten.
-
Alle betrokken zorgverleners ontvangen dezelfde overdracht, bestaande uit:
-
het behandeldoel
-
behandelwensen en -grenzen
-
actueel medicatieoverzicht
-
contactgegevens van de regiebehandelaar en betrokkenen
-
de belangrijkste problemen en uitdagingen
-
het vervolgbeleid en individueel zorgplan
-
-
Regionaal zijn afspraken gemaakt over ondersteuning bij complexe vraagstukken, zoals weergegeven in de beslisboom (zie pagina 9 van de RTA).
-
Bij overlijden informeert de regiebehandelaar alle betrokken zorgverleners. Bij overlijden in de thuissituatie organiseert de huisarts samen met de regiebehandelaar de nazorg.
Wijkverpleging
-
Bij inzet van wijkverpleging wordt een (digitale) toedieningsregistratie gebruikt.
Patiënten en naasten
-
De regiebehandelaar bewaakt dat patiënten en naasten heldere voorlichting krijgen over de palliatieve fase.
-
Praktische ondersteuning:
Hospicezorg
-
Voor opname in een hospice moet de levensverwachting korter zijn dan 3 maanden.
-
- Als een patiënt in de palliatieve fase toch op de SEH terechtkomt, mag worden afgeweken van de standaardprotocollen. De zorgverleners bieden dan passende zorg.
-
Bij kinderpalliatieve zorg moet zo snel mogelijk contact worden opgenomen met het landelijke Kinder Comfort Team (KCT).
-
Medicatie wordt afgestemd in overleg met de apotheek.
-
De apotheek geeft advies over medicatiegebruik in PaTz-groepen, MDO’s en het cirkelteam.
-
De apotheek wordt meegenomen in gesprekken rond wilsonbekwaamheid.
-
De regiebehandelaar bewaakt dat patiënten en naasten heldere voorlichting krijgen over de palliatieve fase.
-
Praktische ondersteuning:
Revisiedatum: 28 mei 2026