icon-list Menu RTA's en werkafspraken

In het kort

Deze RTA geeft praktische afspraken voor zorgverleners over het voorschrijven en monitoren van DOAC’s (bloedverdunners). Je leest wie waarvoor verantwoordelijk is: de huisarts, de specialist of de apotheker. Voor zeven specifieke situaties staan aanvullende afspraken in de volledige RTA.

Download complete RTA (pdf)

Huisarts

Algemene regels

  • DOAC’s worden voorgeschreven volgens de geldende richtlijnen. De voorschrijver vertelt de patiënt over het gebruik, de bijwerkingen en het belang van regelmatige controles.

  • Patiënten worden regelmatig gecontroleerd op nierfunctie, bloedingen en andere bijwerkingen. Bij veranderingen in de nierfunctie of medicatie past de voorschrijver de dosering aan.

  • Bij overdracht van zorg wordt altijd duidelijk vastgelegd wie verantwoordelijk is voor het voorschrijven en monitoren van de DOAC’s.

Afspraken voor de huisarts

    • Starten en vervolgen van DOAC-therapie bij stabiele patiënten.

    • Jaarlijkse controle van nierfunctie (eGFR), leverfunctie en hemoglobine.

    • Bewaken van medicatieveiligheid bij nieuwe medicijnen of veranderde medische omstandigheden.

Specialist

Algemene regels

  • DOAC’s worden voorgeschreven volgens de geldende richtlijnen. De voorschrijver vertelt de patiënt over het gebruik, de bijwerkingen en het belang van regelmatige controles.

  • Patiënten worden regelmatig gecontroleerd op nierfunctie, bloedingen en andere bijwerkingen. Bij veranderingen in de nierfunctie of medicatie past de voorschrijver de dosering aan.

  • Bij overdracht van zorg wordt altijd duidelijk vastgelegd wie verantwoordelijk is voor het voorschrijven en monitoren van de DOAC’s.

Afspraken voor de specialist

    • Starten van DOAC-therapie bij complexe patiënten, zoals bij ernstige andere ziekten of na een operatie.

    • Controle van indicatie en dosering in periodes van instabiliteit.

    • Overdracht naar de huisarts met een duidelijk behandelplan zodra de situatie stabiel is.

Apotheek

Algemene regels

  • DOAC’s worden voorgeschreven volgens de geldende richtlijnen. De voorschrijver vertelt de patiënt over het gebruik, de bijwerkingen en het belang van regelmatige controles.

  • Patiënten worden regelmatig gecontroleerd op nierfunctie, bloedingen en andere bijwerkingen. Bij veranderingen in de nierfunctie of medicatie past de voorschrijver de dosering aan.

  • Bij overdracht van zorg wordt altijd duidelijk vastgelegd wie verantwoordelijk is voor het voorschrijven en monitoren van de DOAC’s.

Afspraken voor de apotheker

    • Informeren van patiënten over het juiste gebruik van DOAC’s.

    • Signaleren van mogelijke interacties met andere medicijnen en zo nodig contact opnemen met de voorschrijver.

Aanvullende afspraken

In zeven specifieke situaties zijn aanvullende afspraken gemaakt. Een uitgebreide toelichting op elke situatie vind je in de complete RTA DOAC’s.

  1. Start DOAC bij nieuwe patiënten: starten volgens regionale richtlijnen, inclusief contra-indicaties en keuze van het middel.

  2. Overgang van VKA naar DOAC: dosering en timing zijn afhankelijk van de INR-waarde.

  3. DOAC bij ouderen (ouder dan 75 jaar): strikte controle van de nierfunctie en extra aandacht voor bijwerkingen.

  4. DOAC bij nierinsufficiëntie: regelmatige controle van eGFR en aangepaste dosering.

  5. DOAC rondom een operatie: tijdig stoppen en weer starten volgens de richtlijnen.

  6. DOAC bij zwangerschap of borstvoeding: DOAC’s zijn afgeraden. De arts overweegt een alternatieve behandeling.

  7. Behandeling van complicaties door DOAC’s: acute maatregelen en samenwerking met een hematoloog of specialist.

Revisiedatum: 29 april 2026